Evacuatie en terugkeer


Professor dr. ir. Anne van den Ban (1928) was 16 toen Wageningen in 1944 voor de tweede maal werd geëvacueerd. In een terugblik op de oorlogsjaren worden een aantal jeugdherinneringen opgehaald en verteld hij over de tweede evacuatie van Wageningen.
De familie van den Ban vond toen huisvesting in een boerderij in de omgeving van Lunteren. Op deze boerderij vonden uiteindelijk 22 mensen onderdak  in de boerderij en een aantal kippenhokken.
Aanvankelijk dacht men dat de evacuatie een paar weken zou duren, uiteindelijk kon men pas na 8 maanden weer terug naar Wageningen. Na terugkeer bleek een groot deel van Wageningen verwoest: “Men heeft mij gezegd, er waren 8 huizen waar geen schade aan was, maar ik heb geen van die huizen kunnen vinden. Bij ons viel de schade nog wel mee een groot deel van de ruiten waren eruit, een van de dingen was dat we erkers hadden met een plat dak van zink en daar waren bomscherven doorgegaan dus dat lekte en daar moest wat aan gedaan worden”.
Ook het botenhuis van Argo was verwoest. Eerst door granaattreffers van de geallieerden die de boten in de haven tot zinken wilden brengen. Later werd hout van het botenhuis gebruikt voor de versterking van Duitse loopgraven in de zomerdijk. Na de oorlog werd het botenhuis opnieuw opgebouwd.

Jan van den Ban (1926), emeritus hoogleraar Cultuurtechniek, is de twee jaar oudere broer van Anne van den Ban. Hij zette zijn herinneringen aan de oorlog op papier.

De ondergrondse in Lunteren

De familie Steenbeek waar de familie van den Ban de winter van ’44 – ’45 doorbracht, was actief in het verzet. De Wageningse evacués werden hier niet in betrokken, maar hoorden later de verklaring voor onder andere een explosie in het kippenhok van de buren.

Lees verder »

Na de bevrijding

In 1944 trad Jan van den Ban toe tot de Binnenlandse Strijdkrachten, een bundeling van verzetsgroepen.

Lees verder »

Commandant Harry

Na enkele omzwervingen via Veenendaal in 1944 kwamen wij terecht op de Driesprong in Ede. Op de Deelweg konden wij beschikken over een kippenschuur.
In april 1945 kwamen de bevrijders over de heide en trokken noordelijke richting.
In april 1945 maakten amerikanen stellingen om rugdekking te geven aan de militairen die over de heide kwamen.
Bij de familie Brouwer aan de Deelweg werd een hoofdkwartier gevestigd.
Ik was toen 14 jaar en ging vaak met commandant Harry met de jeep mee om de diverse stellingen te controleren.
Op een dag toen we terug kwamen werden we door een aantal Duitsers, die zich verscholen hadden langs de Wekeromse weg beschoten.
Harry trok mij van de bijrijdersstoel naar achteren in de jeep en riep down.
Een hevig vuurgevecht volgde, ik lag weggedoken in de jeep. Toen het vuren ophield durfde ik niet meer tevoorschijn te komen.
Toen hoorde ik mijn moeder roepen en durfde ik de jeep uit te komen.
Harry is bij dit gevecht omgekomen. De Duitsers langs de Wekeromseweg zijn ook allemaal doodgeschoten.
Harry heeft mijn leven gered daar ben ik hem zeer dankbaar voor.

Chris van Aggelen

Categorie: 1944, 1945, Haven Trefwoorden: , , .

Reacties zijn gesloten.